skyline
 

In memoriam Skyline

“We shall not cease from exploration, and the end of all our exploring will be to arrive where we started and know the place for the first time.” – T.S. Eliot

Skyline2011-2017

Beste lezer, dierbare volger: met zwaar gemoed kondigen wij, uw redactie, vandaag het afscheid aan van Skyline.

Afscheid van een gedeelde minnares, die ons tegelijk inwijdde in het liefdesspel der muziekkritiek. Van een onkuis geëxperimenteer met woorden dat tegen iedere logica in een heleboel deuren wagewijd openzette, tot ver buiten de Belgische grenzen. Van gefriemel, op de drempel van volwassenheid, met de franjes der eigen identiteit.

 

Historici traceren het begin van Skyline terug naar een middelbare school in de olievlek van het Antwerpse, waar zo’n tien zonnewenden geleden een bijzonder triumviraat het licht zag. Het voornaamste doel: de muziekwereld eens in de zoveel tijd zand in de ogen strooien met nieuws over het nu echt wel nakende Toolalbum. Lennart D. is tot de dag van vandaag het vermoedelijke diabolische meesterbrein achter deze eindeloze geruchtenmolen. Doch daar hield het geenszins op: het genadeloos fileren van de nieuwste hipstersensatie (tune-yards, iemand?), of met enkele virtuoze pennenstreken de loftrompet over Massive Attack afsteken. Mark Lanegan, Crystal Castles of Nine Inch Nails: Lennart D. is de teenage angst dat latent of anderszins aanwezig blijft in onze nu schier volwassen personen, en onze eeuwige garantie op het voortbestaan van de gedachte aan Skyline middels LinkedIn-curricula.

Een bijzonder eervolle vermelding gaat verder uit naar jarenlange compagnon de route, idolaat Radiohead-liefhebber, hartenbreker uit Paal: Tim H. Als dappere Limburgse stem tegen het Antwerps-Gentse overgewicht was hij mee verantwoordelijk voor verslagen als Melt! 2015 en de megalomane Skyline 50’s, en schreef verder over zowat alles waar Thom Yorke de afgelopen jaren een vinger in de pap heeft gehad.

Een bevoorrecht journalist aan de frontlinie in het Leuvense was dan weer Casper W., die met absurd diepgravende analyses haast epossen schiep over de ontmoeting van beeldende kunst en muziek. Casper bewees eigenhandig dat er voor wie zoekt wél nog een undergroundcultuur bestaat in de oudste studentenstad van het land, en zijn artikels over Artefact gelden nog steeds als hoogste verschijningsvorm van alles waar Skyline ooit voor wilde staan.

Hoewel we geen nostalgiewezens zijn, duiken we ter gelegenheid van dit afscheid nog éénmaal ons archief in. In dit artikel kiezen de vier hoofdredacteurs in een schaamteloze circle jerk elkaars beste artikels van de afgelopen jaren.

Marc P.-H. over Sander B.

Een rode draad doorheen mijn driejarige Skylinepassage is zonder twijfel de connectie die tussen redacteurs werd gevormd op basis van aparte humor. Het soort waarbij je vaak niet goed weet wat er precies om te lachen is en wat niet, zonder dat het ooit 4Chan-gehaltes kreeg. Als het over muziek ging, werd het al eens complexer. Stef “pastiche” Claes was ooit te vinden op een show van Chvrches, waar ik tout court niet te vinden was voor eender welke muziek die ietwat in de buurt daarvan komt.

Wél heb ik ook mijn guilty pleasures die ik allerminst die stempel mee wil geven. Scooter is er één van, maar er zijn ook minder evidente voorbeelden. Zoals De Jeugd van Tegenwoordig. Niet zozeer omdat het jeugdsentiment is –ondergetekende maakte zijn laatste middelbare schoolfeestjes mee op de deunen van ‘Watskebeurt’- maar vooral omdat het fenomeen De Jeugd geen one-trick pony bleek. Neen, deze band is de ultieme exponent van een soort onderstroom die weinigen vatten.

Zo ook een doordeweeks publiek in Het fucking Depot. Allejezus, wat vind ik het nu kut dat we daar in 2013 nog een stuk in onze Skyline 50 aan wijdden, gewoon omdat er toen een handvol vette shows werd geprogrammeerd. Toegegeven, er is veel veranderd sindsdien, maar dit is en blijft de tsjevenzaal bij uitstek in godbetert Leuven. Wat Chirostudentjes die feesten op De Jeugd van Tegenwoordig is dus de minst ideale context die je je kan inbeelden om de waarde van die groep te kunnen duiden.

Toch slaagde Sander B. er wonderwel in. Zijn We Are Electric-reeks vergeet ik liever, maar toen een zelfde hoeveelheid Skyline-lezers de wenkbrauwen fronsten bij het verslag van De Jeugd van Tegenwoordig, deed ik niet mee aan selectieve verontwaardiging. Het culturele fenomeen wordt naar waarde geschat, net zoals de door double entendres doordrenkte muziek van drie mannen die weliswaar permafried zijn, maar als weinig anderen een publiek van normies in de zeik kunnen zetten zonder dat iemand het in de gaten heeft.

Veel van diezelfde mensen komen ongetwijfeld terug voor Air Traffic, of stonden aandachtshoergewijs in de rij voor één van die exclusieve shows van die andere fucktard-groep, Editors. De Jeugd behoéft op zich ook geen intelligent of begrijpend publiek, dat is het mooie eraan. Toch mogen er meer Sander B.’s zijn, die vanuit de schaduw van al dat lintjesvolk een (sub)cultureel fenomeen perfect analyseert en naar waarde schat. Wat brengt het op? Vooral een beter begrip van de o zo misbegrepen term postironie.  Waarvoor dank, Sander. (mp-h)

Victor G. over Stef C.

Behalve den man, die 2013 een non-jaar vond, heb ik nooit een wonderlijk kerel gekend dan (sc).

Het uitpluizen van de kleine druk op de Pukkelpopaffiche van een decennium geleden. Proberen te slapen tussen copulerende Duitsers op de Melt-Zug. Copieuze hoeveelheden koffie zuipen in de prinselijke Roskilde-backstage. Het zijn momentopnames van een muzikale volwassenwording die zich voor het mereldeel zij aan zij voltrok.

Onderweg schoten Stef C. nimmer woorden tekort om die momenten met de wonderen der taal te complimenteren. Rapporteren over de visceraliteit van beats, de onversnedenheid van rock of de snedigheid van ritmes getuigt van journalistiek vakmanschap; maar (sc)’s ambities lagen lichtjaren verder. De recensie als kunstvorm? Onder het motto “wat niet kan is nog nooit gebeurd”, zeker en vast wel voor de geestijke primogenitus van Gerard Reve. Wat heeft Sartre’s “L’être et le néant” in gemeen met het Sodom en Gomorra van de B-camping op Roskilde? Vraag het hem.

“Vooruitgang bestaat niet en dat is maar goed ook, want zoals het is, is het al erg genoeg.” – nog zo één die van (sc) had kunnen komen. Cryptotjeef tot in de kist, maar met de ziel van een feminist. Of vrouwenzot. Hoe dan ook, (sc) staat ten eeuwigen dage te boek als voorvechter van de Yin in de muziek, een hemelsbreed firmament waarvan de ranke lichamen van Björk en Kate Bush zijn steunpilaren zijn.

Lasciate ogni speranza, o voi ch’entrate, staat er volgens sommigen op het portiek van de FOD Justitie geschreven. Maar de zevende cirkel van de ambtenarenwereld is voor (sc) gewoon de incubator voor beloftevolle nieuwe schrijfsels. Wordt vervolgd.

Stef C. over Victor G.

De vergetelheid kaltgestellt. Toen (v-jg) in september 2015 Sufjan Stevens zag, vermaalde en het onbevattelijke uitspreidde over die houten stoelen, werd veel duidelijk. Hoe het brein de herinnering corrumpeert, hoe verklede nostalgie alles tenietdoet. Ook dat pijn heilzaam is in de juiste dosis. Deze proto-hispanofiel ademt Sehnsucht en spuwt avontuur, zelfs al zijn de lichamen rondom het zijne gesteld en gevestigd. Kaltgestellt door woorden.

Immuun voor alle trendwatching ontbeende hij in gebalde zinnen en waanzinnen voort. Was de jeugd veelal bezig met het verkennen van elkaars afgunst, verbond hij de begrippen ‘rechtstaat’ en ‘rechtvaardigheid’. Conformerend in zijn wijzen, maar rebellerend in de boodschap. Zelfs in laagste versnelling een flits voor de mediocratie. (v-jg) is een Ruiter van de Apocalyps, maar dan één die het nihilisme gebruikt als gordijn om waar hij van houdt af te schermen.

Vergis u echter niet! Ook in (v-jg) schuilt een drifter. Onder zijn traditioneel andersdenken waakt een sceptische vlam. Altijd zoeken en slechts sporadisch vinden is een levenswijze die hij perfectioneerde. Wist hij geen blijf met zijn Wille zum Leben, verscheen die aan het oppervlak van zijn teksten. Wist de sociale context scheef te trekken wat nog recht stond, zette hij zijn schouders eronder. De intrede van Petrus in Boechout? Wie zal het zeggen; misschien kan iemand er een kutboek over schrijven?

Waar vele woorden hem beschrijven kunnen, is een korte bloemlezing meer aan de orde. U leest geen Gibran of Tagore, wél de eerst gedoopte Victor G. over één van zijn grote liefdes: Godspeed You! Black Emperor.

Het is de umami van de gevoelswereld, tegelijk universeel en niet zonder meer vast te knopen aan een basisemotie.”

Sander B. over Marc P.H.

Hoop, verwachting en illusie op een foto van uwer redacteurs ten spijt, fungeerde het enigmatisch doch emblematisch figuur (mp-h) als zijdelings hoofdredacteur – voltijds schouders van de reus des Belgisch muzieklandschap. Hoe controversieel en obstinaat enerzijds, zo schrander en scherpzinnig anderzijds, lees: “neen, *zucht*, niet die akoestiek daar, dan rijd ik wel even naar Keulen”. Niet dit dus, neen.

Dat er zo iets bestaat als relevantie op vlak van muziekjournalistiek werd onszelf jaarlijks aangemeten doormiddel van de Skyline 50. Wanneer (mp-h) medio mei nummer één van de editie van 2014 aankondigt is de toon gezet – met Je had toch niet The War on Drugs of zo verwacht? als voettitel – houdt ook (mp-h) woord. Een meesterwerk beschrijven in de vorm van een meesterwerk is weinigen gegeven, laat staan in de gedaante van contextuele, breed-historische beschouwing dat tegelijk een explosief en naar een climax werkend epos vormt: een aftelling van minuten als een homerische gevoelswereld. En met ertussen een parodie op Pharell Williams want, en dat weet u als voormalig Skyline-lezer, waarom ook niet.

Om op diezelfde epische golven te varen: de Skyline 50 werd datzelfde jaar helaas de laatste bijdrage van (mp-h). Hier verloor niet enkel Skyline mee – het was ook een leed voor de continentale muziekkritiek. (mp-h)’s fanbase is tegenwoordig aangewezen op het medium Twitter om te jouïsseren van zijn uitgesproken dunk. “De gevestigde orde vd Vl. muziekindustrie weet enkel cash cows te produceren ifv korte termijn. Waardevolle acts w niet geexporteerd.” Afleren doet hij het niet. Een kwinkslagje, een redeneringkje hier en daar.

Hasta la victoria siempre. Getekend, uw dienaren.